Oorsprong


Australian Terrier www.von-den.grauen anfurten.nl


De precieze oorsprong van de Australische Terrier is onduidelijk, maar het is zeker dat Engelse kolonisten hun kleine ruwharige terriers mee brachten naar dit ruige land, waarin alleen de sterksten en moedigsten onder de barre omstandigheden van het Australische Kontinent konden bestaan.

Zeer waarschijnlijk hebben de oude Schotse Terrier (niet te verwarren met de Scottish Terrier van vandaag), de inmiddels uitgestorven Black and Tan Terrier, de Skye en de Dandy Dinmond Terrier, later ook nog de Irish and de Cairn Terrier bijgedragen aan deze grappige cocktail. Na het infokken van de Yorkshire Terrier is door selectie op de vacht en hoogte de Australische Silky Terrier ontstaan.

In Australië was met lange tijd niet heel secuur met het zuiver vokken van de Australische Terrier. Zo heeft het ras tot 1940 nog vers bloed van de Cairn Terrier gekregen. Hier heeft hij tot vandaag nog profijt van.

Al in 1820 zijn er in de 'Midlands' van Tasmanië ruwharige terriers gefokt met de kleur blauw en bruin. In 1880 kwamen er meerdere rode Terriers naar Australië en hiermee kregen de Australische Terriers hun rode kleur.

De Australische Terrier was toen nog behoorlijk verschillen qua kleur en werd alleen gefokt op basis van hun functionaliteit. Met hun verbazingwekkende en betrouwbare charakter waarschuwden ze hun baasje al op grote afstand voor vreemden.

De Australische Terrier moest veel voor zichzelf zorgen door alles in en om het huis te vangen wat zij konden vinden. Zo werden zij waardevolle jagers van muizen, ratten en konijnen (en tot de dag op vandaag zijn ze meesters in het veroveren van extra maaltijden!)

De grote kraag van de Australische Terrier voorkwam dat hij gebeten werd als hij in de donkere en koele gangen van de mijnen werden gestuurd om slangen razendsnel te doden. Uit dank voor de vele hiermee geredde levens van de mijnwerkers hebben zij de Australiers hun kleine, dappere hondjes liefdevol naar zichzelf vernoemt, de Aussie!

Als hoeder van enormen schaapskuddes liepen de Aussies over de ruggen van de schapen heen, om snel aan de andere kant van de kudde te komen. Alleen honden met een enorme lichaamsbeheersing en sprongkracht kwamen hierbij niet om het leven. Het is dan ook begrijpelijk, dat deze honden erg waardevol en moeilijk te krijgen waren.

 

Pas in 1887 is de ras met de oprichting van de eerste "Australian Rough Coated Terrier Club" officieel erkend.

In 1892 kreeg hij zijn huidige naam als de >Australian Terrier<